Mijn les over muziekcompositie voor podcasts voor het Conservatorium van Amsterdam
Voor de richting Music in Media was ik gevraagd om iets te vertellen over hoe ik muziek componeer voor podcasts
Deze week zat ik op verzoek van producer Mai Jammeh tegenover een groep eerstejaars studenten die op het Conservatorium Amsterdam de richting Music in Media doen. Dit is een onderdeel van de afdeling AEMA (Amsterdam Electronic Music Academy). Zij hadden een opdracht voor de komende twee weken: componeer muziek voor een trailer van een verhalende podcast. Als voorschot daarop heb ik een paar praktijkvoorbeelden kunnen laten horen en ontstond er een interessante Q&A tussen die groep, Mai en mij.
Niets is heilig
Hoewel het componeren van muziek voor podcasts vaak een aparte discipline is, in mijn geval combineer ik het vrijwel altijd met editing en sounddesign. Op die manier gaan alle audiolagen samensmelten, dus echt los kan ik het niet zien. Het moet tenslotte allemaal met elkaar communiceren.
Nu werk ik soms ook met de muziek van anderen. Soms met stockmuziek. Of met maatwerkmuziek zoals in Het verraad van de Jordaan waarvoor de muziek werd gecomponeerd door Darius Timmer of De Zwembadclub met de muziek van Truusje Melissen. Vaak wordt die muziek precies geschreven voor bepaalde scenes. Alleen wordt dat altijd gedaan op basis van een ruwe edit. Dus wanneer ik met die edit aan de gang ga komt het begin en het einde vaak niet mooi uit. En dan is het de vraag of de componist of ik het ga aanpassen.
Ik moet zeggen dat voor mij niets heilig is. Mijn scherm staat vol met blokjes van audio waar ik lekker mee kan pielen. Het boeit me werkelijk niet of ik daarvoor een muziekstuk moet opknippen, time stretchen (in snelheid veranderen zonder dat de toonhoogte verandert), pitchshiften, filteren, of wat dan ook. Alles wat ik kan doen, doe ik.
Maar soms wil de componist het zelf doen. Soms wil de componist ook geen stems aan mij aanbieden uit angst dat ik er teveel mijn eigen draai aan geef. Ik respecteer daarin de componist, maar als het aan mij ligt, boeien, ik zet overal gewoon de schaar in als het daar beter van wordt. Ik wil eigenlijk carte blanche qua maximale manipulatie.
En ik vind ook: leave your ego at the door.
Zo’n edit, dat zie ik als één grote compositie. De podcast beschouw ik als audio collage kunst.
Op welk moment moet er muziek klinken?
Een student stelde mij deze belangrijke vraag. Ik denk dat veel beginners hiermee worstelen, waar zet je muziek onder en waar niet?
Het simpele antwoord, voor mij dan: dat kun je voelen. Althans, ik voel dat. Daarom is het ook zo te gek om te doen. Ik zit hier in Den Haag regelmatig zwaar te kicken, zo moet je het zien.
Nu vind ik het allerbelangrijkste van een podcast dat je nooit moet doen wat de luisteraar verwacht. Want dat is saai. Je houdt de luisteraar in bedwang om vooral niet op de stopknop te drukken door die telkens iets voor te schotelen waarvan die denkt “fokking hell, waar gaat dit naartoe!?”
Toch zijn er wel een paar belangrijke momenten te verzinnen wat een goed moment is voor muziek. Zo vind ik het vaak wel lekker om muziek te starten zodat de luisteraar het gevoel krijgt dat er iets belangrijks Gezegd Gaat Worden. Ook vind ik het meestal wel werken om na een Belangrijke Uitspraak even wat rust te pakken door de muziek nog wat door te laten lopen. Of desnoods met een laatste noot en een dot galm erop.
Muziek als sfeerversterker vind ik altijd tricky. Dat voelt voor mij dan toch alsof de boel opgeleukt wordt. Ik haat bombast, daarom ben ik ook geen fan van de meeste filmmuziek en ik vind het hemeltergend als het drama teveel aangezet wordt door muziek. Dan kies ik liever voor iets dat er juist mee contrasteert.
Je kunt muziek gebruiken die een rare associatie geeft. Bijvoorbeeld melige muziek. Maar als je het later in de podcast gebruikt met een duidelijk doel dan zal de luisteraar het begrijpen. De luisteraar op het verkeerde been zetten is gewoon prima mogelijk op die manier. Het is een onderdeel van het verleidingsspel.
In veel podcasts is het meestal niet langer dan 2 tot 3 minuten stil. En vaak staat de muziek ook iets van 2 tot 3 minuten. Dit is over het algemeen vaak best een aardige golfbeweging om vanuit te gaan. Maar nogmaals: doe niet wat de luisteraar verwacht.
Welke muziek is geschikt voor podcasts?
Toen ik met Karin Ramaker vorig jaar de podcast Wat moeten we met onze Kees? maakte, gingen we allereerst nadenken over de muziek en kwamen we al gauw tot een paar uitgangspunten: geen piano en geen violen.
De piano is een instrument dat naar ons idee teveel gebruikt wordt om ‘de traan over het schilderij te laten lopen’. Teveel sentiment. Met de viool is het eigenlijk ook zo gesteld. Het wonderlijke is dat in filmmuziek hele orkesten gebruikt worden. Menig Media Componist zit zodoende met een enorm arsenaal aan strijkers geluiden te componeren. Ik heb altijd gedacht: als iedereen dit doet dan wil ik dat niet doen.
Ik heb mij er weleens aan gewaagd, Blowing Snow is een hele oude compositie van mij met strijkers klanken. Het is gebruikt in Flick Radio, een radio drama in opdracht van Bert Kommerij. En ja ik was daar heel erg tevreden mee, maar toch wist ik: dit moet ik niet teveel gaan doen.
Wat dan wel? Gitaar is mijn hoofdinstrument en dat is het altijd gebleven. Ik maak er dus dankbaar gebruik van, evenals de basgitaar. Dat noem ik ook wel mijn 10-snaren-stijl, zie dit stuk dat ik er ooit over geschreven heb.
Door gitaren en bassen te vervormen en te filteren kun je het arsenaal aan klanken behoorlijk breed maken. Maar ik ben ook gewoon een fan van synthetische geluiden en doldwaze dingen met samples doen. Hiermee wordt de muziek abstracter, minder filmisch.
Met electronica, synths, samples, kun je hele “kleine” dingen doen qua muziek. Ritmisch geruis, een kleine pulse zonder melodische noten, maar die toch veel qua gevoel veroorzaakt.
Vaak werkt dat kleine ook het beste omdat je er lekker overheen kunt lullen. Al jaren ben ik verzot op het gebruik van ambient muziek voor podcasts. In de podcast Betaalde Liefde heb ik de muziek van Tsjaikovski radicaal gemanipuleerd (lees: ondermeer door extreme time-stretching toe te passen en het in een grainulaire sampler verder te manipuleren). Ik heb dit klaarblijkelijk zo soepel gegaan, werkelijk geen enkele criticaster is het opgevallen dat onder ALLE dialogen niet de muziek van Tsjaikovski te horen is maar mijn ambient. Hiermee gaven we deze podcast, ondanks het oude verhaal, juist een heel moderne smoel.
Een kleine bibliotheek
Ook voor de podcast Wat moeten we met onze Kees? was een modern geluid ons uitgangspunt. Het verhaal speelt zich af in WOII en het ligt dan voor de hand om allerhande oud klinkende dingen te laten horen. Maar het wordt daar juist ook voorspelbaar door. En bovendien: het verhaal gaat weliswaar over WOII maar óók over Karin haar onderzoek en de mensen die ze nú spreekt.
Voor deze podcast maakte ik minimalistische elektronische muziek. Europa speelt een zeer belangrijke rol in de geschiedenis van elektronische muziek. Dat zijn dus onze roots. Ik vind het belangrijk om podcasts te maken die anders klinken dan wat de Amerikanen doen.
En wat ik dan meestal doe is een kleine bibliotheek maken met allerlei muziekstukken die mogelijk goed kunnen werken. Die stukken stuurde ik dan naar Karin voor feedback. Sommige stukken vielen hierdoor af omdat ze qua gevoel en stijl niet helemaal bij de podcast leken te passen. Op die manier had we toen we aan de edit begonnen een behoorlijk ruime bibliotheek bij de hand.
Wel bleek dat de minimalistische elektronische muziek niet voor alles evengoed uitpakte. We vonden dat er toch een paar momenten in de podcast waren waarbij je echt even behoefte hebt aan een melodie, wat meer gevoel dan wat de abstracte electronica kan leveren. Bijvoorbeeld voor de introtune (de melodie werkt hier voor herkenbaarheid) maar ook op een paar andere momenten. Daarvoor gebruikte ik dan de gitaar en de basgitaar.
Ik heb dat allemaal ook in het klaslokaal op het Conservatorium laten horen en zien. En dat viel in de smaak.
Het is een prachtig vak toch, niet waar?



Mooi om te lezen!